Moll, Evert 1a

Birth Name Moll, Evert
Gender male
Age at Death 76 years, 4 months, 26 days

Events

Event Date Place Description Notes Sources
Birth 1878-12-15 Leidschendam-Voorburg, Zuid-Holland, Nederland  

Father's Age: 40

2a 3a 4a
Occupation 1909-08-19 Overschie, Zuid-Holland, Nederland Kunstschilder
2b 3a
Death 1955-05-10 's-Gravenhage, Zuid-Holland, Nederland  
5a

Parents

Relation to main person Name Relation within this family (if not by birth)
Father Moll, Evert
Mother Nieuwenhuysen, Maria Elisabeth Wilhelmina Sara
    Sister     Moll, Elisabeth
    Brother     Moll, Cornelis
         Moll, Evert

Families

    Family of Moll, Evert and Geurts, Hendrina
Married Wife Geurts, Hendrina
   
Event Date Place Description Notes Sources
Marriage 1909-08-19 Overschie, Zuid-Holland, Nederland  

Groom's Age: 30

Bride's Age: 25

2b 3a
Divorce 1918-12-09 Rotterdam, Zuid-Holland, Nederland  
2b 3a
  Children
  1. Moll, Frederik Carel Pieter

Media

Narrative

From Talpa #35, 1 june 1949:

De kunstschilder Evert Moll, een der oudste leden van Pulchri, vierde 15 December 1948 zijn 70sten verjaardag. Reeds sedert zijn 15e jaar werkte hij ernstig en ontwikkelde zich als autodidact tot een gezocht schilder van riviergezichten, haventafreelen, landschap en portret. (St. Velp.)

----

The painter Evert Moll, one of the oldest members of Pulchri fourth 15 December 1948 are 70sten birthday. Already since his 15th year he worked seriously and developed as a self-taught painter sought from river views, haventafreelen, landscape and portrait. (St. Velp.)

Narrative

Uit Verleden, het Heden #11 1 Jan 1934

Evert Moll.
Waar de rubriek „Memorandum" van ons periodiek niet enkel de levensbeschrijvingen van overleden naamdragers bevatten wil, is het de Redactie hoogst aangenaam, een biografisch essay te hebben kunnen samenstellen over den bekenden kunstschilder en het nieuwe Lid van onze Vereeniging, den Heer Evert Moll.

Vooraf zij uitdrukkelijk dank gebracht aan den Heer Bernard Canter, die de op Zondag 11 Febr. 1934 voor de Avro gehouden causerie over Evert Moll welwillend aan ons afstond, aan de Avro zelf voor haar vergunning, die te plaatsen en last not least aan den heer Moll, die ons meer materiaal over hem verschafte.

Evert Moll werd geboren op 15 December 1878 te Voorburg, als zoon van Evert Moll en Maria Elisabeth Wilhelmina Sara Nieuwenhuysen en behoort genealogisch tot den Stam Velp.

Zijn vader, die agent was van verzekeringmaatschappijen, was zeer gefortuneerd en in de deftige woning te Voorburg ontbrak het den jongen Moll aan niets. Reeds als kind van 5 jaar hield hij veel van teekenen en verbaasde door zijn aanleg en kleurgevoel. Gaarne hadden zijn ouders gezien, dat hij architect zou worden. Maar Evert wilde kunstschilder worden en niets anders.

In zijn jeugd trok de sport hem zeer aan en op de antieke hooge velocipède heeft hij als amateur-wielrenner menigen prijs behaald, tot hij bij een wegwedstrijd kwam te vallen en daarin de waarschuwing van het lot begreep.

In den Haag maakte hij kennis met de grootste schilders, de Marissen, Mesdag, Willem Roelofs Sr., Tholen en anderen en leerde veel van hen.

Toch had Moll reeds vroeg blijk gegeven van een sterk gevoel van zelfcritiek.
Reeds in 1900, dus op 22 j. leeftijd, werd hij tot werkend lid van het schildersgenootschap „Pulchri Studio" te den Haag aangenomen, in een tijd, toen men daartoe meer eischte dan tegenwoordig.

Daarna ging Moll naar Londen, om er in de musea de groote meesters te bestudeeren en zijn algemeene en bijzondere vorming te voltooien.

De impressionistische richting in de schilderkunst deed haar sterken invloed op hem gelden. In Londen beleefde hij een gelukkigen tijd: hij leerde in de Londensche schilderswijk Chelsea veel jongere en oudere Engelsche schilders kennen, werd tot Lid van de Chelsea Art club toegelaten, tot Lid van de International Pastei Society en hield met de gravin Theodora Glerchen, een nicht van Koning Edward VII, een tentoonstelling in de Royal Watercolour Society.

Evert Moll heeft den Britschen Koning eenige malen op het atelier van de gravin ontmoet en mocht als andere schilders van gedachten wisselen over de problemen der schilderskunst met dien koninklijken kunstvriend.

Daarna ging Moll naar Parijs, schilderde de Seine, St. Cloud, Meudon. Zijn behoefte aan gepassioneerde kleuren-weelde bevredigde hij aan de kusten van de Riviera: Nice, Monaco, Menton, de Cote d’Azur, etc. -

Wanneer hij terugkeert, vestigt hij zich in Dordrecht. Ook daar trok hem vooral het leven op de rivier aan, maar nu schilderde hij ook stadsgezichten. Te Dordrecht maakte hij kennis met den directeur van het schilderijen-museum te Toledo (in Ohio), die hem uitnoodigde, mede te gaan en in Amerika een aantal groote tentoonstellingen van zijn werken te gaan houden. Maar Moll bedankte. Zijn ,,Amerika" lag elders. Hij had de Maas voor Rotterdam „ontdekt" en die te schilderen bij alle weersgesteldheden, bij zonneschijn of op dreigende dagen, in de vergulde dagen van den mid-zomer en in de stille strakheid van den winter, trok hem meer aan dan een reis over den Oceaan.

Maar ook, een plotselinge omkeer was in zijn leven gekomen. Een ramp, die de familie trof, had zijn leven van gentleman-schilder te Londen en Parijs veranderd in dat van den voor zijn bestaan werkenden mensch. Toch is Evert Moll er in geslaagd, zich schitterend als kunstenaar te handhaven. Want moge hij al de geboren schilder zijn, en zou hij in elk ander vak mislukking hebben ervaren, in hem is de artist met den nijveren arbeider vereenigd! -

Want hard heeft hij gewerkt en nog kan hij niet zonder arbeid.

Wat heeft hij véél geschilderd! Voor ons ligt een catalogus van een door hem gehouden tentoonstelling te Rotterdam in 1918 en niet minder dan 100 schilderijen zijn alleen hier vermeld en op ieder gebied: rivier- en havengezichten, bloemen, stillevens, stadsgezichten uit Rotterdam, Amsterdam, Enkhuizen, Dordrecht, Woubrugge, aan den Ouden Rijn, aquarellen, zeegezichten, panorama’s, enz. -

En de critieken van Engelsche groote bladen van 1906 o.a. vermelden zijn tentoonstellingen in de Gallery van de Royal Society of Painters van gezichten op de Theems en Wight, van Cannonstreet-station, van een fabriek te Hammersmith.

Een critiek van Cornelis Veth naar aanleiding van een tentoonstelling van Evert Moll in 1928 in den Haag, noemt de vele gezichten op de Riviera.

Uit enkele van die critieken zij het ons vergund te citeeren, waar van Evert Moll geroemd wordt: „zijn groote gave", zijn „mooie oorspronkelijkheid , zijn „persoonlijke onafhankelijke kijk op de natuur", zijn „zuivere landschappen, bewonderenswaardig door hun fijnheid van kleur en ijlheid van de atmosfeer", zijn „schoone manier van behandeling", zijn „uitermate complete technische behandeling", hij is „meester van wolkeffecten". -

Moll heeft een zeer eigenaardige wijze, om een schilderij op te zetten. Hij bekijkt eerst goed zijn onderwerp in de natuur, bepeinst het daarna, en vangt dan aan op het blanke vlak van papier, doek of paneel schijnbaar willekeurig een paar punten te zetten, die hij als in droom langzaam met het penseel uitbreidt. Zoo zoekt hij het inspiratieve oogenblik.

Moll werkt gaarne aan de havens te Rotterdam. Maar die hem op zijn atelier bezoekt, bemerkt, dat hij toch niet alleen havengezichten schildert. Tegenwoordig houdt hij er van, de duinen m te trekken, om daar te schetsen en te teekenen, of hij gaat naar Meyendal en zoekt er een brok natuur, dat hem inspireert.

Veel ervaringen heeft Evert Moll opgedaan, als hij aan de havens zat te schilderen, omgeven door bewonderende, maar ook critiseerende bootwerkers en opgeschoten jeugd. Eens zei een criticus van de walkant, die geduldig had toegezien naar het ontstaan van het schilderij op het doek: „Dat is wel aardig, wat je er van terecht gebracht hebt, maar je moest eens zien, wat Evert Moll er van maakt; dat is nog heel wat anders, vader."

„Evert Moll? Die ben ik zelf," De waterkant-criticus bleef een tijd zwijgen, wachtte, op een blaadje tabak kauwend tot het schilderij voltooid was, sloeg toen Moll amicaal op den schouder en zei: „Het lijkt er wel op, maar het is het toch niet. Dat kunstje om je voor een ander uit te geven, heb jij niet uitgevonden, vader! Maar ik loop daar niet in." En men verliet het terrein der kunstbeschouwing, daar het tijd om te lossen voor zijn ploeg was geworden.

Maar van andere zijde was de critiek gelukkig minder streng. H. M. de Koningin-Moeder bracht eens een bezoek aan een tentoonstelling van leden van Pulchri Studio en zooals zij gewend was, bekeek zij alle schilderijen zeer aandachtig. Voor een werk van Moll gekomen, zeide zij bewonderend: „Wat is dat een echte, mooie, fijne Moll". „Dat werk wil ik hebben". Het bleek echter reeds verkocht te zijn. Later heeft H. M, echter toch een doek van Evert Moll aangekocht. En er zijn schilderijen van Moll in Nederlandsche en buitenlandsche musea, vrijwel over de geheele wereld verspreid. -

De „Avro" gaf aan een werk van Evert Moll een plaats tusschen de twaalf schilders van dit jaar.

„Laat ons", zei Bernard Canter, „in deze tijden bedenken, dat de kunst niet om brood moet gaan, maar dat ook kunst behoort tot het geestelijk brood van het leven."

En laten wij voor Evert Moll de hartelijk gemeende wensch uitspreken, dat hem vergund moge zijn, nog lange jaren aan de illusie van het leven de kracht te ontleenen, om altijd met nieuwen moed voort te werken!
(DE RED.)

-----------------------------

Evert Moll.
Where the heading "Memorandum" of our magazine not only the biographies of deceased namesakes include wants, is the Editorial highly enjoyable, a biographical essay have been able to build on the celebrated painter and the new member of our Society, Mr. Evert Moll.

First, it explicitly thankful to Mr. Bernard Canter, who on Sunday, November Febr. 1934 for the Avro held causerie about Evert Moll kindly ceded to us, the Avro itself for its license, which can be placed and last but not least to Mr. Moll, who gave us more material about him.

Evert Moll was born on 15 December 1878 in Voorburg, the son of Evert Moll and Maria Elisabeth Wilhelmina Sara Nieuwenhuysen genealogical and belongs to the tribe Velp.

His father, who was agent of insurance companies, was very wealthy and the stately home Voorburg lacked the boy Moll to nothing. Even as a child of five years he kept a lot of signs and amazed by his talent and sense of color. Please had seen his parents, that he would be an architect. But Evert wanted to be a painter and nothing else.

In his youth the sport attracted him greatly and the lofty antique velocipede is working as an amateur cyclist many a prize, until he came to a road race to fall and it's warning fate understood.

In The Hague he met the greatest painters, the Maris, Mesdag, Willem Roelofs Sr., Tholen and others and learned much from them.

Yet Moll early demonstrated a strong sense of self-criticism.
Already in 1900, so at 22 yrs age, he was an active member of the artist association "Pulchri Studio" to The Hague adopted at a time when they demanded more so than today.

Moll then went to London, to the museums to study the great masters and his general and special training to complete.

The Impressionist direction in painting made her strong influence on him are. In London he had a happy time, he taught at the London painter Chelsea much younger and older English painters know, was a Member of the Chelsea Art club admitted a Member of the International Pie Society and held the Countess Theodora Glerchen, a niece of King Edward VII, an exhibition at the Royal Watercolour Society.

Evert Moll has the British King a few times in the studio of the Countess met and if like other painters to discuss the problems of the art of painting with the royal art friend.

Moll then went to Paris, painted the Seine, St. Cloud, Meudon. His need for passionate color opulence he masturbated on the shores of the Riviera: Nice, Monaco, Menton, Cote d'Azur, etc. -

When he returns, he settled in Dordrecht. Also there attracted him most life on the river, but he also painted cityscapes. Dordrecht he met with the director of the museum paintings in Toledo (Ohio), who uitnoodigde, to go away and in America a large number of exhibitions of his works to keep going. But Moll thanked. Are, America "lay elsewhere. He had the Maas in Rotterdam" discovered "and to paint in all weather conditions, in sunshine or threatening days, in the gilded days of the mid-summer and quiet rigor of the winter, attracted him more than a trip across the ocean.

But also, a sudden reversal had come into his life. A disaster that struck the family, his life of gentleman-painter in London and Paris changed into that of the working man for his existence. Yet Evert Moll succeeded, is brilliant as an artist to maintain. Because he may already born painter, and he would in any other profession have experienced failure, in him the artist with the industrious laborer united! - Because he worked hard and he can not do without labor.

What has he painted many! Before us lies a catalog by him exhibition held in Rotterdam in 1918 and no less than 100 paintings are only mentioned here and in every area: river and harbor views, flowers, still lifes, cityscapes from Rotterdam, Amsterdam, Enkhuizen, Dordrecht, Woubrugge , aan den Rijn ancients, watercolors, seascapes, views, etc. -

And the criticisms of British big sheets of 1906 include mention his exhibitions at the Gallery of the Royal Society of Painters of faces on the Thames and Wight, Cannon Street Station, a factory Hammersmith.

A criticism of Cornelis Veth following an exhibition of Evert Moll in 1928 in The Hague, mentions the many faces on the Riviera.

From some of these criticisms albeit us permitted to cite them, where Evert Moll praised: "his great gift," his "beautiful originality, his" personal independent view of nature "are" pure landscapes, admirable by their fineness color and firmness of the atmosphere, "his" way of fair treatment ", are" extremely complete technical treatment ", he is" master of cloud effects ". -

Moll has a very peculiar manner, in order to set up a painting. He first looks good topic in nature, bepeinst it afterwards, and then starts on the white surface of paper, canvas or panel seemingly randomly a few points to put that dream as he slowly expands with the brush. So he seeks the inspirational moment.

Moll works willingly to the ports of Rotterdam. But to him at his studio visit, noticed that he was not only harbor faces painted. These days he is of the dunes to attract, there to paint and draw, or he goes to Meyendal and seeks a piece of nature that inspires him.

Much experience has been gained Evert Moll, as he sat painting ports, surrounded by admiring, but also critiseerende stevedores and lanky youth. Once told a critic of the shore side, patiently had ensured the origin of the painting on the canvas: "That's nice, what you think rightly placed, but you should see what Evert Moll make of it, that is quite another, father. "

"Evert Moll? That is me, "The waterfront critic was a time silent, waiting, on a leaf tobacco chewing until the painting was finished, then hit Moll amicably on the shoulder and said:" It seems so, but it is nevertheless not. That trick for you for another to give, you have not invented, father But I'm not in there. " And they left the field of art appreciation, there is time to resolve his team had become.

But from other side was the criticism fortunately less severe. H. M. the Queen Mother brought a visit to an exhibition of members of Pulchri Studio and as she was accustomed, she looked at all the pictures very carefully. For a work of Moll came, she said admiringly: "What is a real, beautiful, fine Moll". "That work I have". However, it appeared to have already been sold. Later H. M, however a cloth of Evert Moll purchased. And there are paintings of Moll in Dutch and foreign museums, almost the whole world spread. -

The "Avro" gave a work of Evert Moll a place among the twelve painters of this year.

"Let us," said Bernard Canter, "in these times think that art should not for bread, but that art belongs to the spiritual bread of life."

And let us for Evert Moll de warmly express sincere desire that he may be permitted, even long years to the illusion of life, the power to borrow, always with new courage to continue their work!
(THE RED.)

Pedigree

  1. Moll, Evert
    1. Nieuwenhuysen, Maria Elisabeth Wilhelmina Sara
      1. Moll, Elisabeth
      2. Moll, Cornelis
      3. Moll, Evert
        1. Geurts, Hendrina
          1. Moll, Frederik Carel Pieter

Ancestors

Source References

  1. Talpa
      • Date: 1949-06-01
      • Page: No. 35
      • Citation:

        De kunstschilder Evert Moll, een der oudste leden van Pulchri, vierde 15 December 1948 zijn 70sten verjaardag. Reeds sedert zijn 15e jaar werkte hij ernstig en ontwikkelde zich als autodidact tot een gezocht schilder van riviergezichten, haventafreelen, landschap en portret. (St. Velp.)

      • Translation:

        The painter Evert Moll, one of the oldest members of Pulchri fourth 15 December 1948 are 70sten birthday. Already since his 15th year he worked seriously and developed as a self-taught painter sought from river views, haventafreelen, landscape and portrait. (St. Velp.)

  2. Netherlands, Zuid-Holland civil registrations
      • Date: 1878-12-15
      • Page: 1878-12-15
      • 1878 Evert Moll birth
      • Date: 1909-08-19
      • Page: 1909-08-19
      • 1909 Evert Moll & Hendrina Geurts marriage
  3. Vereeniging "Families Mol(l)": Stamboom: Geslacht Moll Stam Velp (Talpa)
      • Page: #214
      • Citation:

        214. Evert Moll, Geb: te Voorburg 15 Dec 1878. Kunstschilder te Den Haag. Hij huwde 19 Aug 1909 te Overschie met Hendrina Geurts, Geb: 28 Maart 1884 te Nijmegen, Dv: Toon Geurts en Wilhelmina Sophia Balfoort. Uit dit huwelijk volgen 4 kinderen, 8e generatie (zie 362-365). Dit huwelijk werd door echtscheiding ontbonden bij vonnis vd Rechtbank te Rotterdam, 9 Dec 1918.

  4. Vereeniging "Families Mol(l)": Uit Verleden Het Heden
      • Page: No. 11
      • Citation:

        Evert Moll.
        Waar de rubriek „Memorandum" van ons periodiek niet enkel de levensbeschrijvingen van overleden naamdragers bevatten wil, is het de Redactie hoogst aangenaam, een biografisch essay te hebben kunnen samenstellen over den bekenden kunstschilder en het nieuwe Lid van onze Vereeniging, den Heer Evert Moll.

        Vooraf zij uitdrukkelijk dank gebracht aan den Heer Bernard Canter, die de op Zondag 11 Febr. 1934 voor de Avro gehouden causerie over Evert Moll welwillend aan ons afstond, aan de Avro zelf voor haar vergunning, die te plaatsen en last not least aan den heer Moll, die ons meer materiaal over hem verschafte.

        Evert Moll werd geboren op 15 December 1878 te Voorburg, als zoon van Evert Moll en Maria Elisabeth Wilhelmina Sara Nieuwenhuysen en behoort genealogisch tot den Stam Velp.

        Zijn vader, die agent was van verzekeringmaatschappijen, was zeer gefortuneerd en in de deftige woning te Voorburg ontbrak het den jongen Moll aan niets. Reeds als kind van 5 jaar hield hij veel van teekenen en verbaasde door zijn aanleg en kleurgevoel. Gaarne hadden zijn ouders gezien, dat hij architect zou worden. Maar Evert wilde kunstschilder worden en niets anders.

        In zijn jeugd trok de sport hem zeer aan en op de antieke hooge velocipède heeft hij als amateur-wielrenner menigen prijs behaald, tot hij bij een wegwedstrijd kwam te vallen en daarin de waarschuwing van het lot begreep.
        In den Haag maakte hij kennis met de grootste schilders, de Marissen, Mesdag, Willem Roelofs Sr., Tholen en anderen en leerde veel van hen.

        Toch had Moll reeds vroeg blijk gegeven van een sterk gevoel van zelfcritiek.

        Reeds in 1900, dus op 22 j. leeftijd, werd hij tot werkend lid van het schildersgenootschap „Pulchri Studio" te den Haag aangenomen, in een tijd, toen men daartoe meer eischte dan tegenwoordig.

        Daarna ging Moll naar Londen, om er in de musea de groote meesters te bestudeeren en zijn algemeene en bijzondere vorming te voltooien.

        De impressionistische richting in de schilderkunst deed haar sterken invloed op hem gelden. In Londen beleefde hij een gelukkigen tijd: hij leerde in de Londensche schilderswijk Chelsea veel jongere en oudere Engelsche schilders kennen, werd tot Lid van de Chelsea Art club toegelaten, tot Lid van de International Pastei Society en hield met de gravin Theodora Glerchen, een nicht van Koning Edward VII, een tentoonstelling in de Royal Watercolour Society.
        Evert Moll heeft den Britschen Koning eenige malen op het atelier van de gravin ontmoet en mocht als andere schilders van gedachten wisselen over de problemen der schilderskunst met dien koninklijken kunstvriend.

        Daarna ging Moll naar Parijs, schilderde de Seine, St. Cloud, Meudon. Zijn behoefte aan gepassioneerde kleuren-weelde bevredigde hij aan de kusten van de Riviera: Nice, Monaco, Menton, de Cote d’Azur, etc. -
        Wanneer hij terugkeert, vestigt hij zich in Dordrecht. Ook daar trok hem vooral het leven op de rivier aan, maar nu schilderde hij ook stadsgezichten. Te Dordrecht maakte hij kennis met den directeur van het schilderijen-museum te Toledo (in Ohio), die hem uitnoodigde, mede te gaan en in Amerika een aantal groote tentoonstellingen van zijn werken te gaan houden. Maar Moll bedankte. Zijn ,,Amerika" lag elders. Hij had de Maas voor Rotterdam „ontdekt" en die te schilderen bij alle weersgesteldheden, bij zonneschijn of op dreigende dagen, in de vergulde dagen van den mid-zomer en in de stille strakheid van den winter, trok hem meer aan dan een reis over den Oceaan.

        Maar ook, een plotselinge omkeer was in zijn leven gekomen. Een ramp, die de familie trof, had zijn leven van gentleman-schilder te Londen en Parijs veranderd in dat van den voor zijn bestaan werkenden mensch. Toch is Evert Moll er in geslaagd, zich schitterend als kunstenaar te handhaven. Want moge hij al de geboren schilder zijn, en zou hij in elk ander vak mislukking hebben ervaren, in hem is de artist met den nijveren arbeider vereenigd! -
        Want hard heeft hij gewerkt en nog kan hij niet zonder arbeid.

        Wat heeft hij véél geschilderd! Voor ons ligt een catalogus van een door hem gehouden tentoonstelling te Rotterdam in 1918 en niet minder dan 100 schilderijen zijn alleen hier vermeld en op ieder gebied: rivier- en havengezichten, bloemen, stillevens, stadsgezichten uit Rotterdam, Amsterdam, Enkhuizen, Dordrecht, Woubrugge, aan den Ouden Rijn, aquarellen, zeegezichten, panorama’s, enz. -

        En de critieken van Engelsche groote bladen van 1906 o.a. vermelden zijn tentoonstellingen in de Gallery van de Royal Society of Painters van gezichten op de Theems en Wight, van Cannonstreet-station, van een fabriek te Hammersmith.
        Een critiek van Cornelis Veth naar aanleiding van een tentoonstelling van Evert Moll in 1928 in den Haag, noemt de vele gezichten op de Riviera.

        Uit enkele van die critieken zij het ons vergund te citeeren, waar van Evert Moll geroemd wordt: „zijn groote gave", zijn „mooie oorspronkelijkheid , zijn „persoonlijke onafhankelijke kijk op de natuur", zijn „zuivere landschappen, bewonderenswaardig door hun fijnheid van kleur en ijlheid van de atmosfeer", zijn „schoone manier van behandeling", zijn „uitermate complete technische behandeling", hij is „meester van wolkeffecten". -

        Moll heeft een zeer eigenaardige wijze, om een schilderij op te zetten. Hij bekijkt eerst goed zijn onderwerp in de natuur, bepeinst het daarna, en vangt dan aan op het blanke vlak van papier, doek of paneel schijnbaar willekeurig een paar punten te zetten, die hij als in droom langzaam met het penseel uitbreidt. Zoo zoekt hij het inspiratieve oogenblik.
        Moll werkt gaarne aan de havens te Rotterdam. Maar die hem op zijn atelier bezoekt, bemerkt, dat hij toch niet alleen havengezichten schildert. Tegenwoordig houdt hij er van, de duinen m te trekken, om daar te schetsen en te teekenen, of hij gaat naar Meyendal en zoekt er een brok natuur, dat hem inspireert.

        Veel ervaringen heeft Evert Moll opgedaan, als hij aan de havens zat te schilderen, omgeven door bewonderende, maar ook critiseerende bootwerkers en opgeschoten jeugd. Eens zei een criticus van de walkant, die geduldig had toegezien naar het ontstaan van het schilderij op het doek: „Dat is wel aardig, wat je er van terecht gebracht hebt, maar je moest eens zien, wat Evert Moll er van maakt; dat is nog heel wat anders, vader."

        „Evert Moll? Die ben ik zelf," De waterkant-criticus bleef een tijd zwijgen, wachtte, op een blaadje tabak kauwend tot het schilderij voltooid was, sloeg toen Moll amicaal op den schouder en zei: „Het lijkt er wel op, maar het is het toch niet. Dat kunstje om je voor een ander uit te geven, heb jij niet uitgevonden, vader! Maar ik loop daar niet in." En men verliet het terrein der kunstbeschouwing, daar het tijd om te lossen voor zijn ploeg was geworden.

        Maar van andere zijde was de critiek gelukkig minder streng. H. M. de Koningin-Moeder bracht eens een bezoek aan een tentoonstelling van leden van Pulchri Studio en zooals zij gewend was, bekeek zij alle schilderijen zeer aandachtig. Voor een werk van Moll gekomen, zeide zij bewonderend: „Wat is dat een echte, mooie, fijne Moll". „Dat werk wil ik hebben". Het bleek echter reeds verkocht te zijn. Later heeft H. M, echter toch een doek van Evert Moll aangekocht. En er zijn schilderijen van Moll in Nederlandsche en buitenlandsche musea, vrijwel over de geheele wereld verspreid. -

        De „Avro" gaf aan een werk van Evert Moll een plaats tusschen de twaalf schilders van dit jaar.

        „Laat ons", zei Bernard Canter, „in deze tijden bedenken, dat de kunst niet om brood moet gaan, maar dat ook kunst behoort tot het geestelijk brood van het leven."

        En laten wij voor Evert Moll de hartelijk gemeende wensch uitspreken, dat hem vergund moge zijn, nog lange jaren aan de illusie van het leven de kracht te ontleenen, om altijd met nieuwen moed voort te werken!

      • Translation:

        Evert Moll.
        Where the heading "Memorandum" of our magazine not only the biographies of deceased namesakes include wants, is the Editorial highly enjoyable, a biographical essay have been able to build on the celebrated painter and the new member of our Society, Mr. Evert Moll.

        First, it explicitly thankful to Mr. Bernard Canter, who on Sunday, November Febr. 1934 for the Avro held causerie about Evert Moll kindly ceded to us, the Avro itself for its license, which can be placed and last but not least to Mr. Moll, who gave us more material about him.

        Evert Moll was born on 15 December 1878 in Voorburg, the son of Evert Moll and Maria Elisabeth Wilhelmina Sara Nieuwenhuysen genealogical and belongs to the tribe Velp.

        His father, who was agent of insurance companies, was very wealthy and the stately home Voorburg lacked the boy Moll to nothing. Even as a child of five years he kept a lot of signs and amazed by his talent and sense of color. Please had seen his parents, that he would be an architect. But Evert wanted to be a painter and nothing else.

        In his youth the sport attracted him greatly and the lofty antique velocipede is working as an amateur cyclist many a prize, until he came to a road race to fall and it's warning fate understood.

        In The Hague he met the greatest painters, the Maris, Mesdag, Willem Roelofs Sr., Tholen and others and learned much from them. Yet Moll early demonstrated a strong sense of self-criticism. Already in 1900, so at 22 yrs age, he was an active member of the artist association "Pulchri Studio" to The Hague adopted at a time when they demanded more so than today.

        Moll then went to London, to the museums to study the great masters and his general and special training to complete.

        The Impressionist direction in painting made her strong influence on him are. In London he had a happy time, he taught at the London painter Chelsea much younger and older English painters know, was a Member of the Chelsea Art club admitted a Member of the International Pie Society and held the Countess Theodora Glerchen, a niece of King Edward VII, an exhibition at the Royal Watercolour Society.

        Evert Moll has the British King a few times in the studio of the Countess met and if like other painters to discuss the problems of the art of painting with the royal art friend.

        Moll then went to Paris, painted the Seine, St. Cloud, Meudon. His need for passionate color opulence he masturbated on the shores of the Riviera: Nice, Monaco, Menton, Cote d'Azur, etc. -
        When he returns, he settled in Dordrecht. Also there attracted him most life on the river, but he also painted cityscapes. Dordrecht he met with the director of the museum paintings in Toledo (Ohio), who uitnoodigde, to go away and in America a large number of exhibitions of his works to keep going. But Moll thanked. Are, America "lay elsewhere. He had the Maas in Rotterdam" discovered "and to paint in all weather conditions, in sunshine or threatening days, in the gilded days of the mid-summer and quiet rigor of the winter, attracted him more than a trip across the ocean.

        But also, a sudden reversal had come into his life. A disaster that struck the family, his life of gentleman-painter in London and Paris changed into that of the working man for his existence. Yet Evert Moll succeeded, is brilliant as an artist to maintain. Because he may already born painter, and he would in any other profession have experienced failure, in him the artist with the industrious laborer united! - Because he has worked hard and yet he can not do without labor.

        What has he painted many! Before us lies a catalog by him exhibition held in Rotterdam in 1918 and no less than 100 paintings are only mentioned here and in every area: river and harbor views, flowers, still lifes, cityscapes from Rotterdam, Amsterdam, Enkhuizen, Dordrecht, Woubrugge , aan den Rijn ancients, watercolors, seascapes, views, etc. -

        And the criticisms of British big sheets of 1906 include mention his exhibitions at the Gallery of the Royal Society of Painters of faces on the Thames and Wight, Cannon Street Station, a factory Hammersmith.
        A criticism of Cornelis Veth following an exhibition of Evert Moll in 1928 in The Hague, mentions the many faces on the Riviera.

        From some of these criticisms albeit us permitted to cite them, where Evert Moll praised: "his great gift," his "beautiful originality, his" personal independent view of nature "are" pure landscapes, admirable by their fineness color and firmness of the atmosphere, "his" way of fair treatment ", are" extremely complete technical treatment ", he is" master of cloud effects ". -

        Moll has a very peculiar manner, in order to set up a painting. He first looks good topic in nature, bepeinst it afterwards, and then starts on the white surface of paper, canvas or panel seemingly randomly a few points to put that dream as he slowly expands with the brush. So he seeks the inspirational moment.
        Moll works willingly to the ports of Rotterdam. But to him at his studio visit, noticed that he was not only harbor faces painted. These days he is of the dunes to attract, there to paint and draw, or he goes to Meyendal and seeks a piece of nature that inspires him.

        Much experience has been gained Evert Moll, as he sat painting ports, surrounded by admiring, but also critiseerende stevedores and lanky youth. Once told a critic of the shore side, patiently had ensured the origin of the painting on the canvas: "That's nice, what you think rightly placed, but you should see what Evert Moll make of it, that is quite another, father. "

        "Evert Moll? That is me, "The waterfront critic was a time silent, waiting, on a leaf tobacco chewing until the painting was finished, then hit Moll amicably on the shoulder and said:" It seems so, but it is nevertheless not. That trick for you for another to give, you have not invented, father But I'm not in there. " And they left the field of art appreciation, there is time to resolve his team had become.

        But from other side was the criticism fortunately less severe. H. M. the Queen Mother brought a visit to an exhibition of members of Pulchri Studio and as she was accustomed, she looked at all the pictures very carefully. For a work of Moll came, she said admiringly: "What is a real, beautiful, fine Moll". "That work I have". However, it appeared to have already been sold. Later H. M, however a cloth of Evert Moll purchased. And there are paintings of Moll in Dutch and foreign museums, almost the whole world spread. -

        The "Avro" gave a work of Evert Moll a place among the twelve painters of this year.

        "Let us," said Bernard Canter, "in these times think that art should not for bread, but that art belongs to the spiritual bread of life."

        And let us for Evert Moll de warmly express sincere desire that he may be permitted, even long years to the illusion of life, the power to borrow, always with new courage to continue their work!

  5. Mark Haasnoot Fine Arts (web page)
      • Page: http://www.markhaasnootfinearts.nl/schilders.php
      • Citation:

        Evert Moll werd 15 december 1878 in Voorburg geboren en overleed op 10 mei 1955 in Den Haag. Hij woonde en werkte tussen 1895 tot 1930 in Voorburg, Londen, Parijs, Den Haag, en Rotterdam. Hij vestigde zich vervolgens in Den Haag. Daar kreeg hij raadgevingen van Willen Maris en vormde zich verder zelf. Hij werkte veel in opdracht van kunsthandelaren in de Verenigde Staten en in Canada. Schilderde landschappen, maar vooral rivier, zee- en havengezichten en in zijn laatste jaren ook stillevens. Werk van Evert Moll bevindt zich o.a. in de Rijkscollectie, het Zuiderzeemuseum en het museum Boymans-van Beuningen.

        Evert Moll was geen hemelbestormer en geen kunstenaar met een onverzadigbare vernieuwingsdrang. Nieuwe ontwikkelingen gingen schijnbaar onopgemerkt aan hem voorbij. Hij bleef trouw aan zich zelf en aan de beginselen van de Haagse School.

        Evert Moll is vooral bekend van zijn ruim duizend havengezichten. Bijster veel is er van deze schilder niet bekend. Wel, dat hij graag en vaak vertoefde in de Rotterdamse haven. Het reilen en zeilen in een haven,de drukte en de traagheid van de kolossale zeeschepen boeiden hem mateloos. Hij hield van de geur van het water, de stookolie en de wind. Evert Moll was meer dan een schilder van havengezichten. Ruim de helft van zijn totale oeuvre bestaat uit landschappen, stadsgezichten en bloemstillevens. Ook als Moll landschappen en stadsgezichten schilderde, kon hij het niet laten om veel water te schilderen. Veel van zijn landschappen zijn geschilderd vanaf of met uitzicht op het water.

        Evert Moll, geboren in Voorburg en praktisch zijn hele leven wonend in een wijde cirkel tussen Den Haag en Rotterdam is autodidact. Van jongs af aan is hij bevriend met Albert Roelofs, de zoon van de beroemde Haagse School schilder Willem Roelofs. In huize Roelofs komt hij in aanraking met kunstenaars die rond de eeuwwisseling het kunstklimaat in Nederland bepaalden. Moll kon het zich aanvankelijk veroorloven te schilderen wat hij wilde. Hij leidt dan ook een relatief zorgeloos leven, totdat zijn vader in 1908 failliet wordt verklaard. Dan wordt het flink aanpoten om in zijn levensonderhoud te voorzien.

        Dat Moll zijn levenlang trouw bleef aan de principes van de Haagse School, betekent niet dat hij geen ontwikkeling doormaakte. Naarmate hij ouder werd, maakten zijn aanvankelijke sobere kleurgebruik en brede penseelstreken plaats voor rijker en gevarieerder kleuren en een fijnere verftoets. Moll schilderde vooral buiten. Met zijn klapstoel en het papier op schoot zat hij aan de waterkant. Veel van zijn werken zijn van hetzelfde formaat: 19 bij 31 centimeter. Dit is precies het formaat van zijn schilderskist die hij als 'onderzetter" gebruikte. Deze paneeltjes dienden vaak als voorbeeld voor de grotere werken die in zijn atelier ontstonden.

        De havengezichten van Moll laten zich lezen als een geschiedenisboek. Zo legt hij aan het begin van de 20e eeuw de maritieme ontwikkeling vast. Hoe de havens uitdijen, de schepen groter worden en de zeilschepen het veldruimen voor motorschepen.

        Staat vermeld in de Scheen.

      • Translation:

        Evert Moll was born 15 December 1878 in Voorburg and died on 10 May 1955 in The Hague. He lived and worked from 1895 to 1930 in Voorburg, London, Paris, The Hague and Rotterdam. He then settled in The Hague. There he counsels of Will Maris and formed themselves further. He worked many commissioned by art dealers in the United States and Canada. Painted landscapes, but especially river, sea and harbor views and in his last years, still lifes. Work of Evert Moll is ao in the National Collection, the Zuiderzee Museum and the Museum Boijmans Van Beuningen.

        Evert Moll was no heaven and no stormer artist with an insatiable desire for innovation. New developments went seemingly unnoticed past him. He remained true to himself and to the principles of the Hague School.

        Evert Moll is best known for its thousand faces harbor. Very much is there of this painting is unknown. Well, he likes and often stayed in the port of Rotterdam. The ins and outs of a port, the crowds and the inertia of the colossal ships fascinated him immensely. He loved the smell of the water, the oil and the wind. Evert Moll was more than a painter of harbors. More than half of his total oeuvre includes landscapes, cityscapes and still lifes. Even if Moll landscapes and cityscapes painted, he could not help much water to paint. Many of his landscapes are painted from or with water views.

        Evert Moll, born in Voorburg and practically his entire life living in a wide circle between The Hague and Rotterdam is self-taught. From childhood he was friends with Albert Roelofs, the son of the famous Hague School painter Willem Roelofs. In house Roelofs he comes into contact with artists at the turn of the artistic climate in the Netherlands determined. Moll could initially afford to paint what he wanted. He leads a relatively carefree life, until his father in 1908, is declared bankrupt. Then it becomes quite slog to his livelihood.

        That Moll his life remained faithful to the principles of the Hague School, does not mean he does not develop through. As he got older, made his initial sober colors and broad brushstrokes place for richer and more varied colors and finer paint key. Moll mainly painted outside. With its folding and paper on his lap, he sat on the waterfront. Many of his works are of the same size: 19 to 31 inches. This is exactly the size of his paintbox that he "coaster" used. These panels were often used as an example for the larger works in his studio arose.

        The port faces Moll read like a history book. As he explains at the beginning of the 20th century the maritime development firm. How to expand the ports, the ships get bigger and sailing ships to make way for motor vessels.

        Is listed in the shin.